O.-L.-Vrouw Bijstand

Zeven weken was het ondertussen geleden dat er binnen de muren van de kerk van Mijlbeek nog een uitvaartliturgie had plaats gevonden.  De laatste persoon die we biddend uitgeleide deden, was Roger Van Leuven, iemand die op en top van Mijlbeek was.  En Yvonne Robyns moet voor hem niet onderdoen.  Op 7 december 1931 kwam zij in de Sint-Vincentiusstraat ter wereld en zou er tot drie, vier maanden voor haar heengaan op 14 maart ook honkvast blijven wonen.  Sinds haar prille kleutertijd woonde Yvonne immers in het huis met het nummer 18 aan deze verbindingsstraat tussen de Moorselbaan en de Groenstraat.  Ook na haar huwelijk met Etienne Bauwens en na de geboorte van hun dochter Hilde en zoon Erwin bleef Yvonne hier wonen.  Bood de achterbouw van het ruime huis in haar kindertijd plek voor de activiteiten van haar vader-schrijnwerker, dan kwam die later ook heel goed van pas voor haar echtgenoot die schilderde en keramiek vervaardigde.  En zelf zat Yvonne ook zelden of nooit stil.  Toen ze op haar vijftigste werkloos werd, was dat voor haar een flinke dreun maar al snel hernam ze zich en leerde ze kleren maken en met de computer werken.  Al was ze iemand die heel goed wist wat ze in het leven wou, Yvonne stond steeds klaar om anderen te helpen.  Toen haar schoonzus op jonge leeftijd stierf en vier kinderen achterliet, aarzelde ze geen ogenblik om zich over hun toekomst te ontfermen.  En op Nieuwjaarsdag was het bij haar en Etienne steevast ‘stuif-in’.  Niemand van de familie die ook maar aan die uitnodiging ontkwam.  Twee en een half jaar terug kreeg ze echter te horen dat ze aan pancreaskanker leed en waar de dokters nog een levensverwachting van zes maanden hadden vooropgesteld, deed zij er nog twee en een half jaar bij.  Op Nieuwjaar 2016 was de hulp van haar dochter en schoondochter echter al noodzakelijk om de jaarlijkse nieuwjaarsreunie mogelijk te maken.  Dit jaar kon Yvonne er amper zelf bij zijn.  Eind November werd ze dan ook opgenomen in woon- en zorgcentrum ‘Lakendal’ aan de Weggevoerdenstraat.  Op Kerstdag kon ze nog enkele uren thuis zijn, samen met haar wederhelft, twee kinderen en twee schoonkinderen, maar op de openingsdag van dit jaar moest ze al heel snel naar de instelling terugkeren.  De vrouw die in het leven zo graag in handen had en zelf ook richtlijnen uitvaardigde voor haar uitvaart moest ondervinden dat het leven niet altijd volledig te regelen en schikken valt en dat veel nog ontsnapt aan onze menselijke invloed, wensen en dromen.  Of om het met een link naar de schilderij die haar echtgenoot ooit vervaardigde en waarop Yvonne te zien is wanneer ze op het perron van het station van Aalst – netjes gekleed - op de trein staat te wachten maakte en die tijdens de uitvaart ook vooraan in onze kerk stond opgesteld te zeggen: soms kiest de trein van ons leven een spoor dat we nooit voor mogelijk hadden gehouden, een onvoorziene wissel.  Nu haar echtgenoot en nageslacht achterblijven met herinneringen aan een oma die een ijzeren wil had en als geen andere balletjes en chocomousse kon vervaardigen, graag scrabble in de Franse taal speelde en haar uiterste best deed om de familie samen te houden, wensen we hen ook de hoop toe eigen aan ons christelijke geloof dat Yvonne nu geroepen is om deel uit te maken van Gods eeuwige lente en te genieten van Jezus’ paasvrede.  Laten we Yvonne, wier stoffelijke resten na de viering werden bijgezet op het urneperk van onze stedelijke begraafplaats aan de Leo de Béthunelaan, gedenken in ons gebed op weg naar Pasen.  De uitvaartliturgie had vorige zaterdag, 18 maart, om 10.00 uur plaats.

 

Geen kerkstoel meer vrij in onze parochiekerk vorige zaterdag om 11.45 uur toen zaterdag Roger Van Leuven uit de Hof ten Bergestraat nr. 55 gelovig uitgeleide werd gedaan.  Bij de aanvang van de uitvaartliturgie voor de man die tachtig jaar geleden in Impe werd geboren schetse zijn zoon Jan hoe ze hun vader hadden ervaren en wat in hun herinnering aan hem altijd de bovenhand zal halen.  Roger werd weliswaar in Impe geboren maar dat was gewoon omdat zijn ouders eventjes Mijlbeek hadden verlaten tijdens verbouwingswerken aan hun huis.  Voor het overige groeide hij op aan de Hof ten Bergestraat waar op de toen nog autoarme straten al snel zijn voetbaltalent naar boven kwam drijven.  Roger wou dolgraag voetballer worden en sloot zich stiekem aan bij Eendracht Aalst.  Een gegeven waaruit al meteen blijkt hoe gedreven en doelgericht deze mens was.  ‘Alles was competitie,’ noemde zijn zoon Jan dat ‘competitie met anderen, maar op de eerste plaats ook met zichzelf.’  Om zich verder te bekwamen liet Roger zijn grootste voetbalambities varen en volgde hij zeven jaar avondschool.  Een volgehouden inspanning die hem geen windeieren legde want op die wijze kon hij aan de slag als leraar aan het Sint-Gabriëlinstituut te Liedekerke en bovendien bood het onderwijs nog voldoende speelruimte om opnieuw met voetballen bezig te zijn, als speler maar ook als trainer.  Roger was trouwens een echte sportman.  ‘Wanneer we op zondagmorgen fietsten,’ vertelde zijn schoonzoon Nicolas op het einde van de viering ‘werd mijn fiets eerst grondig gecontroleerd en vader Roger moest helemaal niet onderdoen voor de jonge mannen…’  Ja, op zijn zeventigste beklom Roger nog de Mont Ventou en Alpe d’Huez.  ‘Ik word honderd,’ dierf hij zich bijgevolg wel eens laten ontvallen.  Gelukkig dat hij in familie- en vriendenkring zijn zeventigste verjaardag uitgebreid heeft gevierd want enkele jaren later dook een berg op die Roger niet kon bedwingen: de ziekte van Alzheimer.  Een Parijs-Roubaix van loslaten en machteloos kwam stilaan onder zijn voeten te liggen.  Gelukkig had hij in zijn vrouw Godelieve - kortweg ‘Lieve’ – een ‘compagnon de route’ uit de duizend en waren zijn kinderen Kathleen, Hilde en Jan als het ware de beste knechten voor deze kopman die ooit hun huis zelf ontwierp en waarlijk gouden handen had.  Tot Roger, ooit lid van de kerkraad en van het parochiaal koor van Mijlbeek, op donderdag 19 januari een einde zag komen aan zijn lijdensweg en overleed.  Na alle intense contacten van de voorbije jaren en de goede zorgen vanwege zijn vrouw en kinderen die maakten dat Roger zijn levensdagen kon voleindigen in het huis dat hij met liefde en kennis zelfhad ontworpen, zal zijn heengaan uiteraard een onnoembare leegte achterlaten.  Bij die nieuwe onmacht en het blijvende gemis bieden we Lieve, haar kinderen en hun wederhelften, haar kleinkinderen onze troostende verbondenheid en ons gebed voor Roger aan.  Dat de man die ooit lid was van ‘Cosi’, een groep mensen ontstaan in de schoot van “’t Apostelken” en begaan met cultuur en ontspanning op Mijlbeek, op wie buren en onze parochiegemeenschap nooit tevergeefs beroep deden (ooit werkte hij eens een hele nacht door opdat een electriciteitspanne in onze kerk tijdig zou zijn hersteld), nu voor alle komende tijden moge delen in de paasvreugde van Zijn Heer.  De witte vlinder uit het liedje ‘er was een tijd…’ van Miels Cools indachtig durven we hopen dat Roger na het lijden van deze tijd mag delen in het zonlicht van Gods heerlijkheid.
Laten we voor hem en zijn nabestaanden bidden.

 

Op de openingsdag van dit jaar wist Mia Van Nuffel zich in haar ziekenhuiskamer nog omringd door haar zes kinderen en amper vier dagen later ging ze op Driekoningenavond uit dit leven heen.  Wie van Sint-Jan is hoeven we Mia niet voor te stellen: zij nam er samen met haar echtgenoot Eugeen Bosteels zaliger gedachtenis actief deel aan het parochiale leven en zette zich ook heel liefdevol in voor de zieke medemens via Ziekenzorg en de allerkleinsten via ‘Kinderwelzijn’.  Wat misschien heel wat mensen niet wisten was dat Mia werd geboren in een totaal ander stukje Vlaanderen, meer bepaald in Hemiksem, en dat op 27 september 1933.  Haar mama stierf toen Mia amper zes weken oud was en haar vader, huisarts, was toen zelf al vijftig.  Blijkbaar – al heeft ze daar heel waarschijnlijk niet vaak over gepraat – heeft Mia haar mama intens gemist tijdens haar kinderjaren, hoe goed de gouvernante Celientje ook voor haar en haar vader heeft gezorgd.  Vanuit haar persoonlijke geschiedenis als baby en kind was Mia ook bang om slechts één keer moeder te worden.  Ten onrechte bleek later… ze gaf het leven door aan maar liefst zes kinderen: Karel, Kristien, Paul, Anne, Wim en Bart en voorzag op haar laatste Nieuwjaarsdag voor maar liefst veertien kleinkinderen een financiële attentie.  Die envelopjes deelde ze nog uit vanop haar ziekbed, wetend dat ze weldra naar haar overleden geliefden zou terugkeren en innig hopend om haar mama terug te zien.  Mia ontving op vrijdag 30 december heel sereen en bewust de ziekenzalving in haar ziekenhuiskamer omringd door haar vier zonen en twee dochters.  Een schitterende brief met woorden van dank en waardering ontlokten bij haar de opmerking: ‘Een mens moet realist zijn: ik heb een mooi leven gehad, weet waar ik voor sta en ben mijn kinderen heel erg dankbaar.’  De familievrouw die Mia was, trok op haar 75ste nog de Zwitserse bergen in, gaf gul aan anderen en vond geen woorden genoeg om haar eigen dankbaarheid uit te drukken wanneer ze zelf een attentie ontving.  Op de tonen van ‘Gabriels oboe’ uit de film ‘the mission’ brachten we haar lichaam tot voor het altaar van onze Mijlbeekkerk om God te danken voor het wijze voorbeeld van deze vrouw die aan de Overhammekouter nr. 17 woonde en die sinds ze wist dat ze ongeneeslijk ziek was heel nuchter haar toekomst tegemoet keek.  Moge Mia, samen met haar man, haar ouders, haar vele schoonbroers en schoonzussen nu delen in de oneindige vrede en wijsheid van de Heer.  Na de uitvaartliturgie, die vorige zaterdag op het middaguur van start ging, werd het stoffelijke overschot van Mia bijgezet in de familiegrafkelder op de grootste begraafplaats van onze stad.  Laten we Mia dankbaar gedenken. We wensen haar nageslacht veel sterkte en fierheid in hun rouw.

 

‘Een schone Nieuwjaar…’ wist Betsy Goossens nog tegen haar dochter Huguette te zeggen nadat ze op de eerste dag van 2017 in het Onze-Lieve-Vrouwziekenhuis was beland omdat de gevolgen van haar val op tweede kerstdag intensievere verzorging en opvolging noodzakelijk maakten dan het woon- en zorgcentrum waar ze sinds een tweetal maanden verbleef haar kon geven.  Voorheen woonde Betsy samen met haar man Frans Van Ransbeeck aan de Brakelstraat.  Gelukkig kon ze zich verheugen in de zorg van haar zoon Hedwig en dochter Huguette en kon ze mee instaan voor de opvoeding en zorg van haar twee kleinzonen Mathias en Thomas toen ze twintig jaar terug weduwe werd.  Al zou ze zelf haast nooit initiatief hebben genomen om naar mensen toe te gaan en moest Betsy iemand al goed kennen eer ze zich op haar gemak voelde, toch stond deze vrouw altijd klaar om mensen te helpen.  Vaak met haar voorschot aan want op weekdagen deed zij niets liever dan poetsen.  Maar wanneer ze door haar kinderen werd uitgenodigd om uit te gaan eten op restaurant kreeg je een fiere, tot in de puntjes uitgedoste vrouw te zien.  Nu deze 86-jarige vrouw in de nacht van woensdag 4 januari overleed laat ze dan ook een grote leegte na in het hart van haar kinderen en kleinkinderen die dicht bij haar woonden en die haar met alle menselijke warmte en genegenheid hebben omringd.  En vreemd maar waar: van elk van hen nam ze in het ziekenhuis op haar manier afscheid tijdens de laatste dagen en uren van haar leven.  We bieden Hedwig en Patrice, Huguette en Andrew, Matthias en Thomas dan ook ons diep medeleven aan bij wat voor hen een droeve start van 2017 betekent en bidden dat Betsy, die zo lang haar mobiliteit en gezondheid dat toelieten, op zaterdagavond naar de kerk van Mijlbeek kwam, nu voor altijd moge delen in de vrede en de geborgenheid van de verrezen Heer die haar uit de dood kan wegroepen om haar voor eeuwig te laten delen in de glans van Gods heerlijkheid.  De uitvaartplechtigheid had gisteren - dinsdag 10 januari om 10 uur - in onze parochiekerk plaats.  Na de crematie werden later op de dag de stoffelijke resten van Betsy uitgestrooid op de begraafplaats van Moorsel.  Laten we haar biddend gedenken.

 

Ook al begon de uitvaartliturgie pas laat op de voormiddag, de mist was helemaal nog niet opgetrokken toen even voor 11.30 uur de klokken ons uitnodigden om ons door God te laten troosten en inspireren bij het afscheid van Raoul Heyvaerts uit de Bergekouter nr. 75.  Deze echtgenoot van Paula Ghijsens en vader van Hilde en Karen overleed in de nacht van vorige donderdag 22 december, één van de zogenaamd kortste dagen van het jaar, na enige tijd van aanhoudende verzwakking.  Bij de aanvang van de uitvaartplechtigheid riep zijn jongste dochter de herinnering op aan een zorgzame vader die zich niet opdrong maar altijd liefdevol aanwezig was.  Ze noemde hem een man met zin voor humor, maar ook plichtsbewust en op beleefdheid gesteld, een intelligente mens die steeds naar de kern van het leven zocht en van geen franjes hield.  De kleinkinderen wisten op het einde van de viering onder andere te vertellen dat opa Raoul niets liever deed dan de logerende kleinkinderen wekken met het liedje ‘Sta op gij luie slaper, de koekoek roept u op …’  ‘Raoul die op 24 januari 1933 in Sint-Gillis bij Dendermonde was geboren, had nog wel de fierheid van een Dendermondenaar bewaard’, beweert zijn achterblijvende echtgenote, ‘maar was voor het overige toch heel erg goed geïntegreerd in onze keizerlijke stede.’  Voor haar zal de leegte en het gemis natuurlijk groot zijn, nu Paula alleen achterblijft in haar bel-etagewoning na al die tijd dat ze met Raoul gehuwd is geweest.  We bieden haar dan ook de kracht en de troost aan van ons gelovig vertrouwen aan, samen met onze hoop dat de ster van Bethlehem ook Raoul zal laten delen in Gods eeuwige licht.  Onze gebeden gaan ook uit naar zijn twee kinderen, zijn schoonzoon en beste vriend Peter, en de trots van Raoul, zijn kleinkinderen en achterkleinzoontje Maarten dat zeven maand geleden werd geboren.  En zo mag, moet, het gezin Heyvaerts op het voorbije jaar terugblikken met de vreugde van een geboorte en het verdriet van een afscheid want kleindochter Saartje wist nu al te vertellen dat Nieuwjaar vieren nooit meer zal zijn als voorheen.  Of durven we geloven dat het stille heengaan van Raoul ook een geboorte was, de geboorte tot Gods eeuwige leven?  Terwijl er nog steeds een geheimnisvolle mist rondom de graven op de begraafplaats van Moorsel ging, hebben we gebeden dat God Raoul moge opwekken uit de dood en bekleden met de vreugde van Zijn eeuwige leven.

Ook al begon de uitvaartliturgie pas laat op de voormiddag, de mist was helemaal nog niet opgetrokken toen even voor 11.30 uur de klokken ons uitnodigden om ons door God te laten troosten en inspireren bij het afscheid van Raoul Heyvaerts uit de Bergekouter nr. 75.  Deze echtgenoot van Paula Ghijsens en vader van Hilde en Karen overleed in de nacht van vorige donderdag 22 december, één van de zogenaamd kortste dagen van het jaar, na enige tijd van aanhoudende verzwakking.  Bij de aanvang van de uitvaartplechtigheid riep zijn jongste dochter de herinnering op aan een zorgzame vader die zich niet opdrong maar altijd liefdevol aanwezig was.  Ze noemde hem een man met zin voor humor, maar ook plichtsbewust en op beleefdheid gesteld, een intelligente mens die steeds naar de kern van het leven zocht en van geen franjes hield.  De kleinkinderen wisten op het einde van de viering onder andere te vertellen dat opa Raoul niets liever deed dan de logerende kleinkinderen wekken met het liedje ‘Sta op gij luie slaper, de koekoek roept u op …’  ‘Raoul die op 24 januari 1933 in Sint-Gillis bij Dendermonde was geboren, had nog wel de fierheid van een Dendermondenaar bewaard’, beweert zijn achterblijvende echtgenote, ‘maar was voor het overige toch heel erg goed geïntegreerd in onze keizerlijke stede.’  Voor haar zal de leegte en het gemis natuurlijk groot zijn, nu Paula alleen achterblijft in haar bel-etagewoning na al die tijd dat ze met Raoul gehuwd is geweest.  We bieden haar dan ook de kracht en de troost aan van ons gelovig vertrouwen aan, samen met onze hoop dat de ster van Bethlehem ook Raoul zal laten delen in Gods eeuwige licht.  Onze gebeden gaan ook uit naar zijn twee kinderen, zijn schoonzoon en beste vriend Peter, en de trots van Raoul, zijn kleinkinderen en achterkleinzoontje Maarten dat zeven maand geleden werd geboren.  En zo mag, moet, het gezin Heyvaerts op het voorbije jaar terugblikken met de vreugde van een geboorte en het verdriet van een afscheid want kleindochter Saartje wist nu al te vertellen dat Nieuwjaar vieren nooit meer zal zijn als voorheen.  Of durven we geloven dat het stille heengaan van Raoul ook een geboorte was, de geboorte tot Gods eeuwige leven?  Terwijl er nog steeds een geheimnisvolle mist rondom de graven op de begraafplaats van Moorsel ging, hebben we gebeden dat God Raoul moge opwekken uit de dood en bekleden met de vreugde van Zijn eeuwige leven.

 

Er zijn geen woorden voor het verdriet en de menselijke onmacht die ons hart besluipen bij het overlijden van een kind, zeker in volle adventstijd waarin de liturgie zo gespannen staat op de geboorte van het Kind van Bethlehem.  Op woensdag 16 november kwamen in het Universitair Ziekenhuis van Jette Liza en Lucas Pauwels, de tweelingkindjes van Ben en Céline De Neef uit Gijzegem ter wereld. Echter drie maanden te vroeg …  Al vrij snel werd duidelijk dat het meisje het zeer moeilijk zou hebben en heel wat hersenschade had opgelopen.  Liza Pauwels stierf op zaterdag 10 december nadat ze een nooddoop had ontvangen.  We wensen de jonge ouders heel veel sterkte toe nu de kerstdagen en de komende jaarwisseling voor hen worden overschaduwd door het heengaan van hun dochtertje en dragen haar tweelingsbroertje Lucas - die uiteraard nog steeds in het ziekenhuis verblijft - mee in ons gebed.  Na de uitvaartliturgie, die in alle intimiteit op donderdagvoormiddag 15 december plaats had, kreeg Liza, opgebaard in een groen-witte kistje (de kleuren van haar kinderkamer) een laatste ruchtplaats toebedeeld op de centrale begraafplaats van onze stad tussen haar leeftijdsgenootjes.  Moge het Kind van Bethlehem de rouwende ouders en grootouders Zijn kracht en troost geven en moge Liza zelf ondertussen deel uitmaken van Gods hemelse engelenschare.  Daarvoor bidden wij.

 

Eén maand en twee dagen na zijn 82ste verjaardag overleed Willy Beeckman uit de Langestraat nr. 43.  Niet dat hij van die laatste verjaardag nog ten volle zal hebben genoten want toen was het voor hem reeds duidelijk dat zijn aardse leven stilaan maar zeker teneinde liep.  Willy werd op de achtste novemberdag van het jaar 1934 te Erpe geboren en huwde met Yvonne Huylebroeck die hem te midden van haar tranen en gemis als ‘een man uit de duizend’ omschrijft.  Meer dan dertig jaar lang was deze kinderloos gebleven man werkzaam bij Amylum en toen hij op zijn 55ste met pensioen ging, kon hij al zijn tijd en zorgen besteden aan zijn vrouw, zijn tuin en de hengelsport.  Niets liever dat Willy deed dan in de zomer met zijn vrouw vakantie nemen aan de Moezel of in Zwisterland, liefst in ‘visrijke’ gebieden.  De man die door zijn buren graag werd gezien, mede omdat niemand onder hen ooit tevergeefs op hem beroep deed, tegelijk ook vol aandacht en tederheid voor zijn wederhelft was, werd dus tijdens de drie laatste maanden van zijn leven zelf hulpbehoevend en afhankelijk van de zorgen van zijn broer en zus, schoonzus en schoonbroer en de neefjes en nichtjes.  Gelukkig bleven zij Willy nabij in zijn laatste levensweken.  Bij de aanvang van deze decembermaand werd Willy opgenomen in het Onze-Lieve-Vrouwziekenhuis waar hij op 10 december het tijdelijke voor het eeuwige wisselde.  We wensen zijn vrouw Yvonne heel veel sterkte en verrijzenisgeloof toe in deze voor haar toch confronterende kerstdagen en hopen dat de zorgen van haar verwanten haar mee in staat stellen om de nacht van de eenzaamheid en het gemis te doorstaan.  Moge Gods liefde, mensgeworden in het Kind van Bethlehem, haar ook de durf en de troost geven om te geloven dat God geen enkel gelovig en liefhebbend mensenkind eenzaam achterlaat in de nacht van de dood.  De uitvaartliturgie had vorige zaterdag om 11.45 uur plaats.  Nadien werd het lichaam van Willy bijgezet in de familiegrafkelder op onze centrale begraafplaats.

 

In de ochtend van maandag 12 december bereikte ons het nieuws dat Bert Pauwels levenloos werd aangetroffen in het appartement dat hij bewoonde in de schaduw van onze heilig Hartkerk.  De jongste uit het toneelgezin Pauwels aan de Drieveldenweg was op 24 juni amper 51 jaar oud geworden.  Bert - die officieel ‘Albert’ heette - was niet enkel de jongste maar ook de meest bijzondere of originele telg uit het gezin.  Altijd bereid voor een grap, soms wat rebels maar uiteindelijk toch een kerel met een gouden hart.  Bert besteedde zijn beste krachten aan de organisatie van de rommelmarkt in de schaduw van onze parochiekerk, aan de activiteiten van het Beukenhof in de Langestraat, en was als disc-jockey ook in Moorsel bekend en geliefd. Hoe kon het anders …  Bert werd spelend lid van de koninklijke Toneelgilde ‘Hoger Op’ maar hield zich de voorbije twintig jaar vooral met de public relations van onze toneelvereniging bezig.  In de liefde zat het Bert echter niet altijd mee, in die zin dat hij misschien ook op dat vlak de wilskracht en het doorzettingsvermogen niet had, dat hij ook op professioneel vlak wel eens miste.  Niettemin was hij de geliefde nonkel bij wie de opgroeiende neefjes en nichtjes steeds terecht konden.  Zijn nichtje Sarah, ondertussen zelf één maand moeder, las bij de aanvang van de uitvaartliturgie trouwens een heel typerende afscheidsbrief voor.  Ongeveer een vierhonderdtal mensen wilden vorige zaterdag, kort na de middag, van Bert of ‘Beireken’ afscheid nemen.  Dat zal een hart onder de riem zijn van zijn zus Lies, zijn twee broers Karel en Jan, en de andere verwanten van de familie Pauwels die nu - na tante An en nonkel Frans - nu ook Bert zien verdwijnen in de duisternis van de dood.  Moge de Heer echter naar Bert toekomen zoals Hij naar ons zal toekomen in de komende Kerstnacht en Zijn lichtende ster van eeuwig leven laten opgaan over het gevulde bestaan van deze mens.  Moge Bert delen in de vrede van het Kind van Bethlehem, samen met zijn ouders Louis en Stephanie - die hij als inwonende zoon in hun laatste levensjaren trouw heeft omringd en verzorgd - zijn zus en broer en alle andere verwanten en vrienden uit de Aalsterse toneelwereld.  Met het heengaan van de jarenlange ontwerper van de toneelaffiche van ‘Hoger op’werd ons opnieuw duidelijk dat we de affiche van het leven vooraf helemaal geen enkel ontwerp meekrijgen.  Na de uitvaartliturgie werden de stoffelijke resten van Bert – en dat waren er ondanks zijn kleinere gestalte opvallend veel – uitgestrooid op de eerste strooiweide van onze centrale begraafplaats.